S.G.G in de sport

Trainers, begeleiders, clubbestuurders en andere jeugdsportmedewerkers zijn voortdurend in de weer met trainingen, wedstrijden en de talloze organisatorische en praktische taken. Ze doen dat vaak zo intensief en gedreven dat er weinig tijd of aandacht overblijft voor een aspect dat nochtans erg belangrijk is in jeugdwerk: de lichamelijke en seksuele integriteit van sportende kinderen en jongeren.

Onderzoek

Een onderzoek uit 2014 toonde aan dat ongeveer 17% van de Vlaamse kinderen en jongeren die aan sport doen op z’n minst één keer in aanraking komen met seksueel grensoverschrijdend gedrag in een sportcontext. Nu we deze cijfers kennen, lijkt het ons erg belangrijk om ook te luisteren naar mensen die dit zelf hebben meegemaakt. Dit levert immers bijzonder nuttige informatie op over de omstandigheden, risicofactoren, verloop, onthulling, gevolgen…

17% van de volwassenen vandaag hadden in hun kindertijd en jeugd minstens  één  ervaring  met  seksueel  grensoverschrijdend  gedrag  (SGG) in een sportomgeving. Het risico is dus reëel dat ook jij vroeg of  laat  wordt  geconfronteerd  met  signalen  of  vermoedens  van  ongepast gedrag in de gemeentelijke sportaccommodaties of in het
zwembad. Wie er pas bij stilstaat wanneer er een concreet probleem is, zal misschien niet op de juiste manier reageren.

Prevalentieonderzoek bij een steekproef van 4.000 Nederlandse en Vlaamse volwassenen toont aan dat 1 op de 7 volwassenen die in kindertijd of jeugd sportten, op z’n minst eenmalig seksueel grensoverschrijdend gedrag (SGG) heeft ervaren in de sport. SGG komt voor in alle sporten en op elk niveau. Toch blijven veel sportclubs en sportbonden beweren dat SGG bij hen niet voorkomt. Het taboe om te spreken over (seksualiteit en) ongewenst seksueel gedrag in de sportorganisatie blijft sterk aanwezig en leidt waarschijnlijk tot het stilzwijgen en in stand houden ervan. En dat is onaanvaardbaar. In vergelijking met de familiale context, is de sportcontext net veel vatbaarder voor sociale interventies die SGG kunnen voorkomen.

Wat is seksuele intimidatie?

Wat verstaan we onder seksuele intimidatie?
Seksuele intimidatie is elke vorm van seksueel gedrag of seksuele toenadering, in verbale, non-verbale of fysieke zin, opzettelijk of onopzettelijk, die door de persoon die het ondergaat als ongewenst of gedwongen wordt ervaren.

Seksuele intimidatie kan voorkomen tussen sporters onderling, tussen kader onderling en tussen sporters en kader. Het is een breed begrip. Dubbelzinnige grapjes, onverwachte aanrakingen en pin-ups in de verzorgingsruimte kúnnen als intimiderend worden ervaren.

Vrouw schriktOok ondubbelzinnige, strafbare vormen van seksueel misbruik, zoals aanranding en verkrachting, vallen onder seksuele intimidatie. Dergelijke vormen van seksuele intimidatie beginnen vaak met 'onschuldige' vormen van intimidatie.

Machtsverschillen
Seksuele intimidatie komt het meest voor in relaties waarbij sprake is van een machtsverschil. Dat machtsverschil kan te maken hebben met leeftijd (volwassene tegenover kind), positie (trainer tegenover sporter) of getal (groep tegenover eenling).

De verantwoordelijkheid van de begeleider

Naast een sportieve taak heeft een sportbegeleider ook een (weliswaar gedeelde) opvoedkundige opdracht. De begeleider is medeverantwoordelijk voor de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van de (jonge) sporter en voor diens ontwikkeling naar zelfstandigheid. Daarbij moet de begeleider zelf de persoonlijke grenzen van de sporter respecteren en de grenzen van professioneel gedrag niet overschrijden. Ook moet een begeleider de sporter ondersteunen in het zelf stellen van grenzen naar anderen toe.

'Mag ik ze dan geen aai meer over hun bol geven?'

De omgang tussen mensen en het lichamelijke contact bij het sporten laten zich niet tot in detail regelen. Dat is ook niet de bedoeling van de gedragsregels. Lichamelijk contact kan functioneel zijn en een 'aai over de bol' kan motiverend en prettig zijn. Aanrakingen en bijvoorbeeld het geven van complimentjes moeten in de sport geen taboe worden.

De gedragsregels zijn richtlijnen voor de begeleider, waarmee seksuele intimidatie kan worden voorkomen. Ze geven de grenzen aan van het handelen. Ze fungeren als toetssteen voor het gedrag van begeleiders en sporters in concrete situaties. Ze nodigen uit tot nadenken en discussiëren over het eigen handelen en dat van anderen in de sportomgeving.

Seksueel grensoverschrijdend gedrag

BaloefeningSeksueel grensoverschrijdend gedrag: elke vorm van seksueel gedrag of seksuele toenadering, in verbale, non-verbale of fysieke zin, waarbij niet wordt voldaan aan één of meerdere van de zes criteria (wederzijdse toestemming, vrijwilligheid, gelijkwaardigheid, passend bij de context, passend bij de leeftijd of ontwikkeling en zelfrespect).

Seksueel misbruik is elke vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag, in verbale, non-verbale of fysieke zin, opzettelijk of onopzettelijk, waar geen wederzijdse toestemming voor bestaat, en/of die op een of andere manier is afgedwongen, en/of waar het slachtoffer veel jonger is of in een afhankelijke relatie staat.

Sinds 2012 maakt de Vlaamse sportwereld werk van de preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de sport. Dit artikel van Tine Vertommen et al: 'Preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de sport' beschrijft een stand van zaken van het preventiebeleid en licht een veelbelovend instrument ‘Sport met grenzen’ toe. De auteurs doen tevens een oproep aan de sportarts om een actieve rol op te nemen bij het ontwikkelen, installeren en uitdragen van een preventief en curatief beleid in de sportvereniging.

Macht van de coach?

De sport kent enkele typische kenmerken die aanleiding kunnen geven tot het ontstaan en voortduren van (seksueel) grensoverschrijdend gedrag. De macht van een coach of autoriteitsfiguur  over  zijn  sporter.  Het zijn vaak leeftijdsgenoten die grensoverschrijdend gedrag stellen. Wees dus attent op sociale machtsverschillen en groepsdruk tussen jongeren onderling is groot. De coach heeft vanuit zijn positie macht, status en aanzien in de sportclub. Dat machtsverschil zorgt voor onbalans in de relatie, wat dan weer een risico op misbruik meebrengt. De coach heeft immers de mogelijkheid  om diverse facet- ten van het leven van een sporter te beïnvloeden.

Naast het machtsverschil zijn er nog andere specifieke eigenschappen van de sport die het risico op (seksueel) grensoverschrijdend gedrag kunnen vergroten. Sport is per definitie een lichamelijke aangelegenheid. In tegenstelling tot het onderwijs of het bedrijfsleven, moet een sportbegeleider de sporter wel eens aanraken om een bepaalde techniek aan te leren of om veiligheid te garanderen. In die - op zich normale - cultuur van lichamelijkheid kan een sporter niet altijd uitmaken wat aanvaardbaar gedrag is.

Summer beachKwetsbare groep

Jonge topsporters die uren per dag ambitieus bezig zijn met hun sport, vormen een kwetsbare groep. We mogen ook het belang van sportief succes niet onderschatten. Soms is de prestatiedruk bij sporters zo groot dat alles moet wijken. Het ondergaan van seksuele intimidatie kan op die manier een aanvaardbare opoffering lijken voor de sporter, als die zich blindstaart op het prestige van sportief succes.

De risicofactoren die met de sporter zelf te maken hebben, zijn in hoge mate gelijk aan die in andere sociale contexten. Slachtoffers van seksueel misbruik worden of werden als kind vaak emotioneel verwaarloosd en zijn daardoor kwetsbaarder. Ook eerdere ervaringen met seksueel misbruik, bijvoorbeeld binnen het gezin, zijn een risicofactor, net als gebrek aan kennis over seksualiteit en seksueel misbruik.
Toch zijn er typische risicofactoren die sport extra kwetsbaar maken, zoals hierboven kort werd toegelicht. Ondanks dat verhoogde risico hebben sportorganisaties vaak geen formeel beleid voor de indienstneming van vrijwilligers. Daardoor zijn sportclubs, die steeds nood hebben aan goedkoop of gratis personeel, aantrekkelijk voor mogelijke plegers.

Toch zijn het lang niet alleen (mannelijke) sportbegeleiders die onaanvaardbaar seksueel gedrag stellen ten aanzien van jonge sporters. Uit onderzoek blijkt dat het vaak leef- tijdsgenoten zijn die het grensoverschrijdend gedrag stellen. Wees er dus attent op dat er grensoverschrijdend of experimenteergedrag vooral  tussen jongeren onderling plaatsvindt. In dat geval is er geen hiërarchische relatie tussen pleger en slachtoffer, al kan er natuurlijk wel sprake kan zijn van sociale machtsverschillen en groepsdruk.

Waarom regels nodig?

De sport kent enkele typische kenmerken die aanleiding kunnen geven tot het ontstaan en voortduren van (seksueel) grensoverschrijdend gedrag.

  • De macht van een coach of autoriteitsfiguur over zijn sporter kan groot zijn. Dat machtsverschil kan leiden tot onbalans in Volleyde relatie, wat dan weer een risico op misbruik meebrengt.
  • Sport is per definitie een lichamelijke aangelegenheid. In die op zich normale cultuur van lichamelijkheid kan een sporter niet altijd uitmaken wat aanvaardbaar gedrag is.
  • Jonge topsporters die uren per dag ambitieus bezig zijn met hun sport, vormen een kwetsbare groep. Zo kan bijvoorbeeld de prestatiedruk bij sporters zo groot worden dat alles moet wijken. Het ondergaan van seksuele intimidatie kan op die manier een aanvaardbare opoffering lijken voor de sporter, als die zich blindstaart op het prestige van sportief succes.
  • Ondanks deze verhoogde risico's hebben sportorganisaties vaak geen formeel beleid voor de indienstneming van vrijwilligers. Daardoor zijn sportclubs, die steeds nood hebben aan goedkoop of gratis personeel, aantrekkelijk voor mogelijke plegers. Door kandidaten te vragen om een uittreksel van het strafregister model twee (minderjarigenmodel) te tonen, vermijd je dat je begeleiders zou engageren met een gerechtelijk verleden van (seksuele) feiten gepleegd ten aanzien van minderjarigen.
  • Toch zijn het lang niet alleen (mannelijke) coaches die onaanvaardbaar seksueel gedrag stellen ten aanzien van jonge atleten. Uit onderzoek blijkt dat het vaak leeftijdsgenoten zelf zijn die het grensoverschrijdend gedrag stellen. Wees er dus attent op dat er grensoverschrijdend of experimenteergedrag vooral tussen jongeren onderling plaatsvindt. In dit geval is er eerder sprake van sociale machtsverschillen en groepsdruk.

 

Grooming in de sport

LopenGrooming is het proces waarin de pleger zijn slachtoffer isoleert en bewust voorbereidt op het misbruik. De pleger probeert langzaam het vertrouwen te winnen van zijn slachtoffer en systematisch de grenzen tussen pleger en slachtoffer te laten vervagen.

Dat proces kan weken, maanden en zelfs jaren duren. De pleger probeert stapsgewijs dichterbij te komen om geheimhouding mogelijk te maken. Het groomingproces is verraderlijk omdat het hierdoor zal lijken dat de sporter ‘vrijwillig meewerkt’ aan het misbruik.

Kinderen zijn als afhankelijke individuen in een opvoedingscontext uiterst kwetsbaar voor deze benadering, maar ook jongeren en jonge volwassenen in een sterke afhankelijkheidsrelatie, zoals tussen een sporter en een coach, kunnen het slachtoffer worden van zo’n proces. De sporter heeft vaak een groot vertrouwen in de coach of een andere begeleider die hij al als een autoriteit aanschouwt.

De pleger kiest vaak bewust zijn slachtoffers, werpt zich op als een vader- of moederfiguur en geeft aandacht aan privéaangelegenheden van de sporter.

Fasen in groomingproces in sport

Celia Brackenridge, een gerenommeerd Brits onderzoeker, onderscheidt volgende fases in het groomingproces:

  • Uitkiezen van het slachtoffer: kwetsbare sporters observeren, mogelijkheden creëren om de betrouwbaarheid uit te testen, aandacht geven en vriendschap sluiten.
  • Opbouwen van een vriendschapsrelatie en vertrouwensband: het slachtoffer speciaal doen voelen door bv. cadeautjes of beloningen te geven, tijd samen door brengen, te luisteren, een ruilsysteem in te voeren (“Jij moet nu even dit voor mij doen, want ik heb dat allemaal al voor jou gedaan”).
  • Slachtoffer isoleren en controle en loyaliteit invoeren: het slachtoffer toegang tot anderen weigeren, contact met ouders en vrienden buiten de sport aan banden leggen, inconsistent gedrag (de ene keer een beloning geven, de andere keer geen aandacht geven om zo het verlangen naar aandacht bij het slachtoffer aan te wakkeren), de toewijding van het slachtoffer uittesten.
  • Initiëren van het misbruik en in stand houden van het geheim: stapsgewijs seksuele grenzen verleggen, bij weerstand zeggen “Vorige keer vond je het oké”, medewerking vragen door schuldgevoel aan te praten “Dit heb ik van je tegoed” of “Kijk nu wat je gedaan hebt”, bescherming bieden met uitspraken als “Dit is ons geheim”, het slachtoffer in diskrediet brengen met “Niemand zal je geloven” of bedreigen “Als je ’t verder vertelt, is je sportieve carrière voorbij”…

Grooming is vaak succesvol in de sport omdat de sporter een groot vertrouwen heeft in zijn of haar coach of autoriteitsfiguur. De coach biedt de sporter de mogelijkheid of het vooruitzicht om prestaties te leveren. Naast concrete beloningen, geeft de coach de sporter vaak ook ontastbare voordelen zoals het gevoel om speciaal te zijn, vertrouwen, de lokroep van succes, veiligheid en superioriteit. De coach draagt zorg voor de sporter en beschermt hem of haar, waardoor die zich steeds afhankelijker zal opstellen. Hij lokt de sporter stap voor stap in de val en verkrijgt toestemming door bedreiging. Bedreigingen zoals “Ik zet je uit het team” zullen ervoor zorgen dat de sporter stilzwijgend toestemt. De gevoelsband tussen coach en sporter kan er ook toe leiden dat de sporter tijdens de grooming verliefd wordt op de coach. De vaak sterke emotionele band tussen coach en sporter kan de drempel tot melding of aangifte onoverkomelijk hoog maken voor de sporter.

Aanrakingen in sport vermijden?

Het is zeker niet de bedoeling om aanrakingen te bannen uit de sport, zolang maar voldoende met volgende aandachtspunten rekening gehouden wordt. De integriteit van de jonge sporter staat steeds voorop.

Bij het sporten horen heel wat aanrakingen: ondersteuning tijdens het uitvoeren van risicovolle bewegingen, lichamelijke aanwijzingen tijdens het uitvoeren van een instructie of nieuwe techniek… Deze aanrakingen zorgen voor betere kennisoverdracht en maken sport veiliger. Dat creëert een cultuur van lichamelijkheid waarin de sporter niet altijd kan uitmaken wat aanvaardbaar gedrag is. Het is dus belangrijk dat je als sportbegeleider op voorhand (bijvoorbeeld bij de aanvang van het seizoen of lessenreeks) uitlegt waar en waarom je iemand gaat aanraken en nagaat of de sporter dat oké vindt. Zo leren jonge sporters inschatten welke aanrakingen ‘normaal’ zijn en ‘erbij horen’.

Ondersteunende aanrakingen

Daarnaast horen bij het goed begeleiden van kinderen en jongeren in de sport ook ondersteunende, helpende, troostende, verzorgende en andere aanrakingen. Onder die aanrakingen verstaan we schouderklopjes, high fives, groepsknuffels, een hand geven… Deze aanrakingen zijn een vorm van non-verbale communicatie en worden vaak als aangenaam ervaren. Ze geven steun of versterken het groepsgevoel. Ze kunnen echter ook verder gaan en als onaangenaam ervaren worden, bijvoorbeeld het betasten van de intieme zones of ongewenst zoenen. Het is belangrijk steeds de integriteit van kinderen en jongeren te bewaken en centraal te plaatsen. Volgende aandachtspunten kunnen hierbij helpen:

  • ga steeds na of de jonge sporter zich comfortabel voelt bij de aanraking: niet alle kinderen reageren hetzelfde of zullen een grens durven aangeven. Dring geen aanrakingen op of doe niets onverwachts;
  • als het initiatief van de jonge sporter zelf komt, is dit oké maar begrens indien nodig. Ook de integriteit van de sportbegeleider moet bewaakt worden;
  • het aanraken van intieme delen hoort niet bij sociaal aanvaardbare aanrakingen, en het is goed om heel jonge sporters te leren dat ze daar zelf baas over zijn;
  • aanrakingen die pijn doen (slaan, een tik geven…), overstimulerend zijn (kriebelen…) of eerder intiem (zoenen, tegen elkaar liggen, door het haar wrijven…) zijn niet oké;
  • bij twijfel, maak vooraf afspraken over op welke manier bepaalde aanrakingen best gebeuren, betrek jonge sporters (en eventueel de ouders) bij deze afspraken. Leg deze afspraken vast. Maak hierbij geen onderscheid tussen mannelijke of vrouwelijke begeleiders, een goede sportbegeleider moet in staat zijn alle noodzakelijke aanrakingen correct uit te voeren.

Info

Om het thema lichamelijke en seksuele integriteit aan te pakken en het taboe te doorbreken, werden enkele initiatieven ondernomen en instrumenten ontwikkeld.

Het Raamwerk Lichamelijke en Seksuele Integriteit en Beleid in de Sport is een werkdocument dat sportorganisaties kan helpen bij het uitwerken of aanvullen van een beleid rond lichamelijke en seksuele integriteit. Een dergelijk beleid speelt op drie niveaus: een kwaliteitsbeleid, een preventiebeleid en een reactiebeleid. Het raamwerk bevat een modelvisie, allerlei instrumenten en achtergrondinformatie.

 

"SPORT MET GRENZEN: Beleidsinitiatieven" is een brochure voor (kleinere) sportorganisaties en bevat bondige informatie waarmee je meteen laagdrempelig aan de slag kan.

 

Een heleboel kinderen en jongeren beleven elke dag fijne sportmomenten. Dat gebeurt natuurlijk het liefst op een veilige manier. Een belangrijk aspect daarbij is de lichamelijke en seksuele integriteit.

Als sportbegeleiders moeten we de minderjarigen een omgeving aanbieden waarin ze leren omgaan met elkaar en zich kunnen ontplooien. Kinderen en jongeren ontwikkelen zich immers ook op seksueel vlak en als volwassenen worden wij geacht ervoor te zorgen dat ze dat op een gezonde manier kunnen doen. We zijn dat eerst en vooral aan de kinderen en jongeren verplicht, omdat hun welzijn elk ander belang overstijgt. Verder zijn we dat verplicht aan de ouders, die hun kroost aan onze zorgen toevertrouwen. Maar we zijn als sportorganisatie ook aan onze eigen status verplicht dat we alles doen wat haalbaar is om de lichamelijke en seksuele integriteit van onze jonge sporters te beschermen. Op die manier kunnen sportclubs veilige, gezonde havens zijn voor de volwassenen van morgen.

Om dit thema aan te pakken heeft de sportsector met steun van de Vlaamse overheid intensief samengewerkt om enkele instrumenten te voorzien voor de sportorganisaties. Via www.sportmetgrenzen.be (externe link) vind je alle informatie, kan je deze instrumenten bestellen of downloaden of een vorming aanvragen.

"SPORT MET GRENZEN: Vlaggensysteem" is een laagdrempelig, educatief instrument voor bestuurders van een sportorganisatie, sportbegeleiders en sporters om bewust te leren omgaan met lichamelijk of seksueel grensoverschrijdend gedrag in de sport. Het biedt een gemeenschappelijk kader om hierover de discussie aan te gaan, beleid binnen de sportorganisatie te ontwikkelen en afspraken te maken.

Overeenkomst met sportbegeleider (contract)

Document seksueel grensoverschrijdend gedrag niet in mijn sport. Klik hier

RunningHet Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media biedt een beknopte literatuur- en referentielijst aan rond het thema seksueel grensoverschrijdend gedrag.

Het betreft een niet exhaustief overzicht van toegankelijke lectuur, dewelke de lezer een inleiding geeft omtrent de thematiek vanuit verschillende invalshoeken, zowel algemeen als met een link naar de sportcontext. Een trainer, bestuurslid, begeleider, ouder of sporter kan zich op deze manier een beter (en genuanceerder) beeld vormen over dit thema.

Het document bevat een bondig overzicht van de instrumenten die voor de sportsector werden ontwikkeld, om te komen tot een beter beleid op het vlak van kwaliteit, preventie en reactie. Klik hier

Sinds 2012 maakt de Vlaamse sportwereld werk van de preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de sport. Dit artikel van Tine Vertommen et al: 'Preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de sport' beschrijft een stand van zaken van het preventiebeleid en licht een veelbelovend instrument ‘Sport met grenzen’ toe. De auteurs doen tevens een oproep aan de sportarts om een actieve rol op te nemen bij het ontwikkelen, installeren en uitdragen van een preventief en curatief beleid in de sportvereniging.

Handleiding voor sportclubs in geval van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Klik hier

Overeenkomst tussen sportbegeleider en club/sportorganisatie

Gedragsregels in de sport (Ontwerp van een overeenkomst te tekenen door de sportbegeleider) Klik hier

 

Bronnen

Het Nieuwsblad 20/08/2016

http://www.ethicsandsport.com/sport_met_grenzen/wat_en_waarom

https://cjsm.be/gezondsporten/themas/ethisch-sporten/lichamelijke-en-seksuele-integriteit/instrumenten/literatuurlijst-rond-seksueel-grensoverschrijdend-gedrag

https://www.nocnsf.nl/cms/showpage.aspx?id=1505